Ali Kouchiry

Ali Kouchiry

Ali Kouchiry

Een spoor van liefde zoeken in alle conflicten


Door: Truus Groenewegen

De uit Iran gevluchte regisseur en acteur Ali Kouchiry groeide in Nederland uit tot toneelschrijver. Nederlands vindt hij een sterke, spannende taal. Belangrijk thema in zijn werk is liefde en geloof.

Het einde van een geheime jeugdliefde markeerde voor Ali Kouchiry het begin van zijn liefde voor het toneel. "Elf jaar oud was ze, mijn buurmeisje en ik was dertien. Vanwege het geloof mochten we elkaar eigenlijk niet ontmoeten of aanraken. En ineens werd ze door ouders gedwongen tot een huwelijk. Wekenlang vroeg ik steeds opnieuw aan mijn moeder ‘waarom mag ik niet trouwen’. Tot ze me eindelijk antwoord gaf. ‘Zij heeft geluk, zei ze. ‘Zij is al elf jaar. Ik was negen toen ik met je vader moest trouwen.’ Ze begon me stukjes te vertellen over haar leven, waardoor ik mijn eigen pijn vergat. Een voorbeeld? Haar eerste kind was als een pop voor haar. Als de baby huilde, huilde zij met haar mee. Eigenlijk begint daar het verhaal."

Iets magisch
Kouchiry (1958) is geboren en opgegroeid in de universiteitsstad Ahwaz in Zuid-Iran, als zoon van een winkelier. Zijn zes zussen en drie broers wonen allemaal nog in Iran. "Ik was de enige rebel." Toen hij de stiekeme contacten met zijn buurmeisje moest afbreken en daardoor meer te weten kwam over zijn moeders leven, moest de jonge Ali een indringende waarheid over de islam onder ogen zien. Wat het geloof vrouwen aandeed. Tot dan toe had de wereld van moskeeën en imams iets magisch voor hem, de oproep tot gebed, het Asjoerafeest waar mannen zich geselen om iets wat eeuwen geleden is gebeurd, het zingen en lezen van de koranteksten. "Ik wilde leren. Daarom ging ik naar koranles, hoewel mijn moeder er tegen was. Dat laatste veroorzaakte trouwens dat ik juist wel ging." Toch vond Kouchiry de wetten van het geloof moeilijk te rijmen met de realiteit van zijn dagelijks leven. "Opgegroeid in een huis met zeven vrouwen vond ik het onbegrijpelijk dat mannen vrouwen geen hand mochten geven en dat je vrouwen niet in de ogen mocht kijken."

Mooie ogen
Toch moest er een andere schokkende gebeurtenis aan te pas komen om Ali van de koranles weg te houden. "In de stad draaide een film die licht kritisch was over de islam. De imam was daar heel boos over en hij gaf ons jongens de opdracht om een steen door de ruit te gaan gooien. Net als de anderen pakte ik een steen, maar toen zag ik het affiche dat voor het raam van de bioscoop hing. Daar stond een actrice op met echt heel mooie ogen. Door die ogen kon ik gewoon niet gooien, hoe graag ik het ook wilde. De anderen hadden hun stenen gegooid en gingen al weg. Als gehypnotiseerd bleef ik nog even staan. Machteloos ging ik daarna naar huis." De volgende dag stuurde de imam hem woedend weg. ‘Vrouwen zijn de duivel. Als je in hun ban raakt, kan je God nooit liefhebben.’ En dat is wat de imams jongeren in Europa voorhouden. ‘Pas als je anderen vermoordt, kan je laten zien dat je God liefhebt.’"

Wekelijkse theaterles
Ondanks zijn goede relatie met de familie kon Ali niet praten over de verwarring die hij voelde door het conflict tussen liefde en geloof. Hij meldde zich aan voor de toneelclub, alsof hij voorvoelde dat de afstand van het spelen hem goed zou doen. Na een paar maanden mocht hij van de regisseur zelf een stuk maken. Het werd een heftige, maar mooie voorstelling, vond hij zelf. Zijn docent was het daarmee eens en moedigde hem aan om vooral door te gaan met toneelspelen. Dus nam Ali de jaren daarna dagelijks de taxi naar het Centrum voor de Kunsten, ver van zijn huis. Buiten de gratis wekelijkse theaterles mochten hij en zijn vrienden iedere dag de kleine theaterzaal gebruiken. "Hoewel ik later ben afgestudeerd als regisseur, heb ik op die middagen mijn belangrijkste opvoeding voor het toneel gekregen. We improviseerden eindeloos. Alles wat ik heb geleerd – schrijven, regisseren en acteren – heb ik daar geleerd. Die zaal was ons huis."

Acteren en regisseren

Na zijn studie Theaterregie in Teheran acteerde Kouchiry en regisseerde vooral werken van Westerse toneelschrijvers als Ibsen, Brecht en Miller. Nadat hij in 1996 in Nederland was erkend als politiek vluchteling, pakte hij het acteren en regisseren weer op. Zijn eerste productie was ‘De reis van lege flessen’ naar het boek van Kader Abdolah. Daarna was hij als acteur en regisseur verbonden aan de Rotterdamse groep Bonheur. Hij speelde ‘Stemmen in de nacht’ in de regie van Helmert Woudenberg. Met Woudenberg speelde hij in 2005 in ‘Ali en Nino’, het herontdekte werk van Kurban Saïd dat hij had bewerkt tot een theatrale dialoog. Intussen debuteerde Kouchiry ook als toneelschrijver. In het Nederlands. Hij schreef een reeks theaterstukken, was jurylid voor de toneelschrijfprijs van Hollandse Nieuwe en is docent drama bij een Nijmeegse kunststichting. In 2004 heeft hij in Almere zijn eigen toneelgezelschap Theater de Tocht opgericht.

Die pijn
Een van de theaterteksten die Kouchiry schreef en produceerde was ‘Ogentroost’, waarin hij na 35 jaar het verhaal uit zijn jeugd opnieuw vertelde. Dat zijn moeder en zoveel andere vrouwen als jonge meisjes gedwongen werden te trouwen en zich te onderwerpen aan mannen had hem niet losgelaten. "Ik hield zo van mijn moeder. Elke keer dat ze vertelde over haar huwelijk huilde ze. Die pijn is gebleven tot haar dood. Hoe het echt zat, weet ik niet, maar ik geloof niet dat er liefde was tussen haar en mijn vader." Twee dagen voor de première van ‘Ogentroost’ kreeg Kouchiry het bericht dat zijn moeder was overleden. "Kapot was ik, maar ik kon niet terug naar Iran om haar te begraven. Ik besloot de voorstelling door te laten gaan. Voor haar. Die periode trad ik 28 keer op en elke avond zag ik mijn moeder op het podium. Het publiek wist van niets, maar het huilde met me mee, vooral de laatste avond toen mijn moeder voorgoed van het toneel verdween. Het was een heel mooi afscheid."

Naar het Vaticaan
Bij een deel van het publiek riep ‘Ogentroost’ echter heftige reacties op. "Kritiek uiten op de islam was toen nog taboe hier. In theater Cosmic in Amsterdam riepen jongens in de zaal steeds maar ‘Allah Akbar’, ‘Allah Akbar’, God is groot. Die Turkse, Marokkaanse jongeren kennen de Koran niet goed of willen die niet leren kennen." Kouchiry maakte in die tijd andere voorstellingen over de islam, over geloof en liefde. Zoals de ‘Dansende vlammen’ waarin de imam van een moskee in Mekka de opdracht krijgt om naar het Vaticaan te gaan, waar hij voor alle beelden moet buigen. Hij gaat op weg en ontmoet in Rome een mooie non op wie hij verliefd wordt. Hij realiseert zich dat hij de reis heeft ondernomen in opdracht van zijn eigen hart. De non op haar beurt is getrouwd geweest, maar wil nu haar leven in dienst van het geloof stellen. "Dat vind ik spannend, om die twee geloven op het podium te brengen. Maar na de moord op Pim Fortuyn is het nep geworden om over de islam te schrijven. Voor mij is geen geloof heilig, maar mensen kunnen tegenwoordig zoveel zeggen over de islam, dat ik liever kies voor andere thema’s."

De zoektocht
Zo gaat Kouchiry’s laatste theaterproductie ‘Topterrorist’ over het Midden-Oosten. De jonge dochter van de Palestijnse Hamas-oprichter Sjeik Yassin wil niets met de oorlog en met het geloof te maken hebben, maar dan sneuvelen haar twee broers. De ene mag van de Israëli’s in Jeruzalem begraven worden, de ander niet. Dan komt zij, als een moderne Antigone, in actie. Vervolgens gaan de liefde en de missie van Yassins dochter door elkaar lopen. Zij ontmoet de zoon van Sharon op een congres en doet zich voor als een Armeense uit een christelijke familie. Sharons zoon Omri vraagt haar op zijn beurt om bij de kennismaking met zijn vader te doen of zij een Joodse is. In de voorstelling komen de politieke argumenten over en weer duidelijk op tafel. "Ik ben het zat om indirect te zijn over politiek, maar ik laat het aan het publiek om een eindoordeel te vellen." De zoektocht waarin Kouchiry zijn publiek meeneemt, gaat over vragen als waar blijft de liefde en waar blijft het leven in een situatie waar zoveel doden vallen. "Ik vraag me af hoe gewone mensen zich daar staande houden, zocht een spoor van liefde in al die conflicten."

Toneel is leven
Mogelijk gaat ‘Topterrorist’ later dit jaar in reprise. Dat hangt af van subsidies. Die dans om subsidies vertoont trouwens een zekere gelijkenis met de censuur in Iran. Namen spelen een sleutelrol. Daar vanwege de politiek, hier om de bekendheid. "In Iran heb ik het eens uitgeprobeerd door luciferhoutjes in het script te verstoppen. Toen ik de tekst terugkreeg, zaten de lucifers nog op dezelfde plaats." Maar Kouchiry is de laatste om zich daarover te beklagen. Toneel is leven voor hem. Hij is constant bezig met ideeën die hij wil verwezenlijken, in tekst en op het toneel. Zoals het project ‘Laat woorden vliegen’, een soort idols voor jongeren, waarin zij hun verhaal, eigen of verzonnen, omzetten in een solo. Ook beelden, muziek of dans verzorgen ze zelf. Het publiek kiest de winnaar die dan een echte productie mag maken. "Juist hangjongeren zouden die kans moeten krijgen. Ik weet zelf hoe belangrijk het is dat je iets kan doen met de pijn die je voelt." En daarmee is Kouchiry terug bij zijn eigen jeugd, toen hij als dertienjarige jongen voor het eerst op het podium stond en zich ‘zo vrij voelde als een vogeltje’.