Afsluiting van ‘Bagdad in Amsterdam’

Namens Amnesty International heet ik Amjad Kawish, curator van de tentoonstelling, Herman Divendal, directeur van AIDA en de dichters, schrijvers Ibrahim Selman en Baban, die uit hun werk voordragen, van harte welkom. Ik wil kort iets zeggen over het waarom: Waarom deze tentoonstelling uit Irak bij Amnesty?

Natuurlijk heeft Amnesty International een band met Irak. Al tientallen jaren bezoekt Amnesty het land, luistert het met grote belangstelling naar verhalen van mensen die er vandaan komen en volgt ze de berichten in de nationale en internationale media.

Als Amnesty International het gevoel heeft dat er iets te verbeteren valt voor de mensen die er wonen brengt Amnesty een rapport uit. Dat heeft Amnesty met betrekking tot Irak tientallen keren gedaan. In de archieven van Amnesty liggen naast de rapporten foto’s, tekeningen, dia’s en films die we niet graag met andere mensen delen. Ze liggen veilig en diep opgeborgen in verlaten zoutmijnen in Engeland. Sommige foto’s hebben we gebruikt in tentoonstellingen. Die hebben ook hier aan de muur gehangen, maar die wil je niet zien. Die zijn gemaakt voor het niet-vergeten.

Wat je liever wilt zien zijn de schilderijen die hier nu aan de muur hangen. Zij zijn ook een teken van verandering. Zij zijn een teken van een vrij kunstenaarsbestaan. Wanneer een kunstenaar vrij kan bestaan in een land, wanneer hij / zij de kunst kan maken die in hem / haar opkomt, wanneer een kunstacademie die kunst kan onderwijzen die vrij is van opgelegde waarden is het land op die plek vrij.

Jammer genoeg is er op dit moment niet de ruimte om deze schilderijen in Irak zelf te tonen. In 2010 is er nog niet echt sprake van een kunstmarkt met galeries en verzamelaars van moderne Irakese kunst. Vandaar dat Amjad het initiatief genomen heeft om in samenspraak met de kunstenaars van de Academie van Bagdad en AIDA in Amsterdam de schilderijen naar Nederland te halen. Beeldhouwwerk en keramiek is ook voorhanden maar is veel moeilijker te vervoeren.

Gezien de band die Amnesty met Irak heeft, nam Amnesty de uitnodiging van Herman en Amjad om de schilderijen als eerste een gezicht te geven met beide handen aan. Ook de mensen die hier dagelijks werken moeten kunnen zien dat er, weliswaar onder moeilijke omstandigheden, mensen zijn die de tijd, de ruimte en de vrijheid nemen om zich niet met de alledaagse werkelijkheid bezig te houden en te proberen een ander kleurrijk Irak neer te zetten zoals zij zich dat wensen. Een Irak met een eigen realiteit en werkelijkheidszin. Wij bij Amnesty moeten ook dát beeld goed voor ogen houden. Wij kijken vaak naar de prozaïsche werkelijkheid en hebben het hier vaak met verbazing, verwondering en vooral respect over de menselijke veerkracht. Dit is absoluut een voorbeeld van menselijke veerkracht.

Bij de opening in november heb ik begrepen dat een hoop mensen die er toen waren erg blij zijn dat de draad van de rijke Irakese cultuur door jonge kunstenaars voortgezet wordt. Het is natuurlijk nog mooier dat ook de kunstenaars die hier hun werk tentoonstellen de opbrengst van hun werken weer investeren in de opleiding van nieuwe jonge kunstenaars aan de Academie in Bagdad. Nog niet alles is verkocht, de tentoonstelling is noodzakelijkerwijs ook hier niet voor het grote publiek toegankelijk, maar hierna zal hij nog op drie andere plaatsen in het land te zien zijn.

Ik vind het, dit zeg ik u namens Amnesty, een eer de tentoonstelling in dit gebouw te hebben mogen huisvesten en wens alle betrokkenen veel succes met dit prachtige initiatief. Dat er nog vele mogen volgen.