Over de Grens

Vrijdag 25 April 2008 – 19:00 uur
Openbare Bibliotheek Amsterdam
Een programma met de Iraanse auteurs Kader Abdolah (Nederland), Shahrnush Parsipur (USA), Sudabeh Mohafez (Duitsland) en Esma'il Khoi (Engeland). De Iraanse schrijvers hebben zowel in het land van hun moedertaal als in hun nieuwe vaderland gepubliceerd. Zij beheersen twee talen en pendelen heen en weer tussen twee culturen. Zij delen hun moedertaal (farsi). Het is hun culturele erfgoed, het handvat voor hun schrijverschap. Hoe verdraagt de Iraanse cultuur zich met de cultuur van het land waar zij nu wonen en werken? Zijn er verschillen voor Iraanse schrijvers, wanneer je in Europa of Amerika woont? Hebben deze schrijvers nog invloed op de vernieuwing van hun oorspronkelijke taal? Maken zij zich nog druk over de censuurmaatregelen en sluitingen van boekhandels en uitgeverijen in Iran? Hebben zij elkaar nog iets te vertellen, nu zij elkaars boeken niet meer kunnen lezen? Naast een debat dragen de vier schrijvers voor uit eigen werk. Moderatoren: Herman Divendal en Mina Saadadi.
Kader Abdolah (Iran, Nederland)
Kader Abdolah zat in de redactie van een ondergrondse krant totdat hij gedwongen werd te vluchten. Sinds 1988 woont hij in Nederland. Zijn eerste verhalenbundel De adelaars (1993) viel meteen in de prijzen. Meer dan 150.000 lezers kochten zijn recente boek Het huis van de moskee (De Geus, 2005). Kader Abdolah herschreef het drieduizend jaar oude Perzische meesterwerk Kélilé en Demné over vriendschap, verraad en liefde (De Koe, Bert Bakker, 2002). Zijn boek De boodschapper en de koran verschijnt eind april.
Esma'il Khoi (Iran, Engeland)
In 1956 debuteerde Esma’il Khoi met de dichtbundel Onrustig. Sindsdien heeft hij meer dan twintig dichtbundels en een aantal boeken over poëzie geschreven. Na de Islamitische revolutie (1989) vluchtte hij naar Londen. Hij behaalde een doctorstitel in de filosofie. In zijn poëzie werd ballingschap zijn belangrijkste thema. Esma’il Khoi had een belangrijke functie in de Bond van Iraanse Schrijvers in Ballingschap.
Sharnush Parsipur (Iran, Verenigde Staten)
Sharnush Parsipur brak na enkele boeken geschreven te hebben in Iran definitief door met Tuba va ma'na-ye Shab (Touba en het belang van de nacht), dat zomer 2008 zal uitkomen bij uitgeverij Meulenhoff. Toen in Iran haar volgende boek Aql-e abi'rang (Blue-colored Reason), een soort vrouwelijke versie van Don Quichotte, werd verboden, vertrok zij naar de Verenigde Staten. In Nederland verscheen haar novelle Vrouwen zonder mannen (Bulaaq, 2006), waarin een prostituee, twee ongetrouwde vrouwen, een huisvrouw en een lerares elkaar ontmoeten in een magische tuin, even buiten Teheran.
Sudabeh Mohafez (Iran, Duitsland)
De jongste deelnemer aan het gezelschap woont vanaf haar 16e in West Berlijn. Met haar eerste publicaties van verhalen in literaire tijdschriften (1999) vestigde zij definitief haar naam als schrijfster. Sinds 2004 pendelt Sudabeh Mohafez heen en weer tussen Berlijn en Lissabon waar zij lesgeeft op de Deutsche Schule. In Duitsland publiceerde Arche Verlag (Hamburg) haar bundel korte verhalen W?stenhimmel Stemland (2004), en haar roman Gespräche in Meeresnähe (2006).
Mina Saadadi (Iran, Nederland) woont en werkt sinds 1988 in Nederland. Zij is hoofdredacteur van de website Shahrzadnews.org
Herman Divendal (Nederland) is directeur van AIDA Nederland, de organisatie voor steun aan vervolgde en gevluchte kunstenaars.
