Opening van de tentoonstelling Beelden uit Soedan

Opening van de tentoonstelling "Beelden uit Soedan"

Naar pagina 2

Op 1 november vond in de openbare bibliotheek van Leiden de opening plaats van de tentoonstelling " Beelden uit Soedan". De tentoonstelling is een solo-expositie van de schilder Adil Badawi Ali Elsanousi. Deze tentoonstelling werd geopend door de wethouder van cultuur te Leiden. Voor het blad ‘Contouren’ van Vluchtelingenwerk (herfst 2001) sprak Fréderike Geerdink met Adil.

Een paar maanden voordat ik in de zomer van 1998 Soedan verliet, had ik een expositie in de hoofdstad Khartoem. De veiligheidsdienst haalde schilderijen weg omdat in die schilderijen volgens hen kritiek werd geleverd op de islamitische regering. Waarom ze dat precies vonden, werd niet uitgelegd en is me ook nog steeds niet duidelijk. Als het al waar was, heb ik het er niet bewust ingestopt. Zo werk ik niet. Als ik schilder, ben ik vrij en schilder ik wat op dat moment in mij opkomt. Met regels ben ik dan niet bezig.
Leven van je werk als kunstenaar is in Soedan praktisch onmogelijk. Er zijn niet veel materialen verkrijgbaar. Wat er is komt vaak via via uit bijvoorbeeld Egypte, en die spullen zijn erg duur. Daarbij is er in Soedan niet erg veel interesse voor kunst. Tenminste, niet onder de Soedanese bevolking. Mensen zijn met andere dingen bezig: in het zuiden woedt een oorlog en in het hele land is het overgrote deel van de mensen te arm om kunst te kunnen kopen. Als ik iets verkocht, was dat altijd aan Fransen of Britten die in de hoofdstad woonden. Van de kunst kon ik dus niet leven, en daarom werkte ik erbij als leraar tekenen en schilderen.

In 1996 werd ik, na vijftien jaar lesgeven op verschillende scholen, ontslagen, omdat ik me niet aan de islamitische wetten hield. Ik ben moslim, maar in de ogen van de regering blijkbaar geen goede. Ik kon aan de slag als freelance kunstredacteur voor onafhankelijke kranten, maar toen er collega’s werden gearresteerd en er ook een vroegere collega-leraar werd opgepakt die in dezelfde periode als ik was ontslagen, moest ik vluchten.
Ik miste het schilderen toen ik net in Nederland was. Via een vriend kwam ik aan het adres van de Stichting AIDA, en van hen heb ik materialen gekregen om te kunnen werken. Dat deed ik naast mijn bed, zittend op de grond, het bed fungeerde als tafel. Het gaf me rust om weer met kunst bezig te zijn en het was fijn om met schilderen de verveling te verdrijven. Via AIDA kreeg ik ook opdrachten, zoals het maken van een CD-hoesje, en een muurschildering als decor voor een festival. Mijn schilderijen zijn uitverkozen om kaarten van te maken voor Amnesty International, ik exposeer af en toe en kan soms werk verkopen.

Ik kan in Nederland schilderen en exposeren wat ik wil, zelfs naakten, wat in Soedan absoluut verbonden was. Dat is natuurlijk allemaal goed, maar het lukt mij niet altijd om me te concentreren op mijn werk. Ik weet nog steeds niet of ik een status krijg om in Nederland te blijven en die onzekerheid maakt het moeilijk de rust te vinden om te schilderen.
Mijn werk is veranderd sinds ik in Nederland ben. Ik gebruik veel blauw. Dat deed ik in Nederland veel minder, maar die koele kleur gebruik ik als vanzelf doordat ik nu leef onder de koele grijze Nederlandse luchten.
Voor ik hier was, liet ik me inspireren door westerse kunstenaars als Chagall. Nu is Soedan mijn bron van inspiratie omdat ik mijn land mis. De Nijl, de woestijn, de mensen. Ik schilder vissen, vogels en krokodillen en gebruik elementen uit de oude Nubiaanse traditie, die verwant is aan de vroege Egyptische cultuur. Op die manier probeer ik dichtbij mijn land en mijn cultuur te blijven, het contact met Soedan te houden.

Naar pagina 2

Fréderike Geerdink is freelance journalist
voor meer informatie over haar en haar werk
http://www.frederike.nl
http://journalistiek.pagina.nl
http://vrouwenbedrijf.pagina.nl