Baban
Baban (1974, Koerdistan, Irak) groeide op als jongste zoon in een gezin waar literatuur en kunst bij het dagelijks leven hoorde. Als achtjarige maakte hij zijn eerste gedicht, over de rivier Khasa in zijn stad Kirkuk. Vanaf 1994 publiceerde Baban zijn gedichten in diverse Arabische kranten en literaire tijdschriften. Baban volgde de studie Arabische taal- en letterkunde en studeerde in 1997 af. Hij publiceerde in 1998 de dichtbundel ‘Ruïne van Babylon’. Baban maakte deel uit van een groep dichters die een nieuw geluid lieten horen over de positie van de vrouw en over de politieke situatie in Irak. Toen hem in 1999 werd gevraagd om propagandistisch werk te schrijven, is Baban naar gevlucht. Sinds 2002 staat hij op de Nederlandse poëziepodia. In 2006 publiceerde hij de dichtbundel ‘Op weg naar Ararat’.
