Artikel Jagers op Dromen

Door Herman Divendal
Van de ene op de andere dag vlucht een kunstenaar. Als gevolg van zijn artistieke uitingen wordt de kunstenaar bedreigd of monddood gemaakt. Gevangenschap dreigt, of erger. De vervolging door het politiek gezag in zijn land wordt te groot. Vluchten wordt noodzaak, tenzij de kunstenaar zijn werkzaamheden stopzet. Aangekomen in Nederland raakt de kunstenaar verstrikt in de ronduit onaangename ervaring van de asielprocedure, die met restricties en eisen gepaard gaat. Dat geldt voor alle vluchtelingen. Een vervolgde kunstenaar, in het bijzonder, krijgt gemakkelijk het gevoel dat hij intellectueel gezien van de regen in de drup is beland, doordat de censuur in eigen land werd verruild voor een meningsuiting onder voorwaarden in het nieuwe land.Een kunstenaar, die vlucht, verlaat niet alleen zijn eigen cultuur, die hij evenwel nooit zal verliezen. De in Nederland aangekomen kunstenaar zal een nieuwe cultuur voor zich moeten zien te winnen, zonder hierin verloren te gaan. Een gevluchte kunstenaar weet als geen ander dat kunst en cultuur bij uitstek de handvaten zijn om te zeggen wat je wilt en om te laten zien wie je bent. Maar wie of wat ben je als kunstenaar, met een abrupt afgebroken carrière, in een landschap dat van de ene op de andere dag de kleuren van je palet kan veranderen?
Senad Alic is zo'n kunstenaar, in 1960 in Sarajevo geboren, sinds 1992 inwoner van Nederland. Over zijn eerste dagen in Nederland: "Het was zomer. We kregen opvang in caravans in een dorpje in Zeeland, vlakbij de zee. Het was mooi weer. Maar opeens kwam er regen, regen en nog eens regen. Vanaf oktober woonde er niemand meer in dat dorpje. Je kon met een pistool schieten en niemand zou het horen en merken. Dat was een andere wereld geworden dan die ik verwachtte. In Joegoslavië was ik de hele dag buiten, maar nu zat ik binnen." Met horten en stoten leert de nieuwe Nederlander zich aanpassen. Senad Alic: "Je ziet mensen door de regen fietsen, en ik dacht: dat doe ik niet. Je ziet mensen met grote rugzakken, en ik dacht: dat doe ik niet. Iedereen heeft een agenda. Ik wilde geen agenda. Een afspraak maken voor een kop koffie met iemand, dat wilde ik niet. Nu heb ik een fiets, rugzak, agenda, en ik maak afspraken voor een kop koffie."
In deze nieuwe situatie pakte Senad Alic zijn kunstenaarschap op. In die hoedanigheid heb ik Senad voor het eerst leren kennen, niet als vluchteling, maar als kunstenaar. Het eerste dat ik zag, was niet hem, maar waren zijn schilderijen. Zijn schilderijen 'raakten' mij. Heeft datgene wat mij raakt in een schilderij, zo vroeg ik mij af, nog iets te maken met datgene wat een kunstenaar met zijn schilderij heeft willen vertellen? En welke bewuste en onbewuste ervaringen van de kunstenaar zijn er terug te vinden in een eenmaal geschilderd werk? Een voorbeeld. Het schilderij "Kippen vangen" van Senad Alic riep voor alles een jeugdherinnering op, het liedje uit mijn jeugd: "Boer, wat zeg je van mijn kippen? Boer, wat zeg je van mijn haan? Hebben ze dan geen mooie veren, of staat jou de kleur niet aan?".
Daarna schoot mij een anekdote te binnen, die jaarlijks rond Sinterklaas in mijn familiekring gememoreerd wordt. Het verhaal speelt zich af in december 1945 – zelf was ik nog niet geboren -. Iedereen was berooid uit de oorlog gekomen. Mijn ouders wilden de bevrijding bezegelen. Sinterklaas zou hoe dan ook gevierd worden. Het weinige geld dat mijn ouders bezaten gaf mijn moeder aan mijn vader om haar en het gezin te verrassen met een mooi Sinterklaascadeau. Zelf zou zij de tabaksbonnen wel omruilen om hem en zijn gezin te verblijden. Op pakjesavond bleek dat zowel mijn vader als mijn moeder op dezelfde dag namens Sinterklaas voor het gezin een kip hadden gekocht.
Het schilderij van Senad Alic heeft op zich niets met dit liedje te maken, noch met mijn familieanekdotes. De in Sarajevo geboren schilder Senad Alic geeft overigens het schilderij als titel "Jagers op dromen". Het is één schilderij van een grote reeks, die als cyclus deze naam heeft meegekregen. De cyclus kent ook een kant van de bittere dagelijkse werkelijkheid. Senad Alic: "In mijn werk verbeeld ik ook de bittere dagelijkse werkelijkheid waarin asielzoekers leven. Asielzoekers mogen niet werken. Behalve toen met de kippenpest. Toen werden de vluchtelingencentra leeggeplukt om de kippen te ruimen. Het klinkt misschien romantisch om voor drie euro per uur kippen te vangen. Maar het is verschrikkelijk. In een grote loods zitten duizenden kippen. Als je daar binnen gaat om ze te vangen, zit je na tien minuten helemaal onder het bloed. Sindsdien gebruik ik de kippen meer dan eens als metafoor voor vluchtelingen en ontheemd zijn. Vluchtelingen zijn hier niet thuis. Kippen ook niet. Ze zullen het samen moeten doen: leren vliegen."
Senad Alic vergelijkt het eenzame beroep van de schilder het liefst met het werk van de goudzoeker: "Soms kun je heel erg dichtbij zijn, maar meestal vind je net niet waar je naar op zoek bent. Gelijktijdig laat de bezigheid je niet los: door het zoeken zelf kom je tot verrassende ontdekkingen. Dat maakt het schilderen tot een spannende en inspirerende bezigheid." Senad Alic heeft de cyclus "Jagers op dromen" in Nederland geschilderd. Senad Alic over deze serie: "Vluchtelingen zijn mensen die altijd op reis zijn. Blijven ze hier of moeten ze verder? Ze blijven allemaal doorreizen. Het zijn mensen op zoek naar de verloren tijd, op zoek naar het leven dat van hen is gestolen. Ik luister en verbeeld mijn en hun dromen, herinneringen en werkelijkheid." De verbeelding van Senad Alic spreekt juist kinderen aan. Naast zijn eigen werk, werkt hij inmiddels acht jaar in vluchtelingencentra met kinderen aan verschillende projecten, zoals het bouwen van zeepkisten, of droomhuizen. In oktober 2004 heeft Senad Alic de illustraties gemaakt voor het kinderboek met koran vertellingen "Wij vertellen je het mooiste verhaal"*.
· Farouk Achour, Senad Alic – "Wij vertellen je het mooiste verhaal.". Bulaaq, 2004, ISBN 9054601132
