Openingstoespraak Galerie Mana 1995
Aras Kareem en de oorsponkelijkheid
Opening expositie Aras Kareem in Galerie Mana Utrecht
23 februari 1995
Door Sam Drukker
Een van de belangrijkste eigenschappen – misschien wel de allerbelangrijkste -, dames en heren, is de oorspronkelijkheid. In praktisch alle schoolsystemen ter wereld wordt het kijken ons afgeleerd. Systematisch door het weten verdrongen. We zien slechts wat we weten en zijn amper meer in staat ons door de werkelijkheid te laten overvallen en verrassen. Het levert immers niks op, valt niet in geld om te zetten.
Als je geluk hebt, kun je dit kijken weer terugveroveren op kunstacademies. Dat geldt voor een ieder: Kijken kun je leren. Over vorm, compositie, contrasten, toon, kleur en beweging kun je zoveel te weten komen, dat je zèlf daar weer aardig mee uit de voeten kan met verf, kwasten, doek. Maar oorspronkelijkheid kun je niet leren. Misschien kun je het herkennen, en ontwikkelen. Misschien kun je het leren gebruiken. Je kunt het koesteren. Maar oorspronkelijkheid is je voornamelijk gegeven!
Maar wat is dat eigenlijk: oorspronkelijkheid? Ik wil u daar mijn visie over geven naar aanleiding van een kunstenaar zijn werk, wat mij laatst onder ogen kwam en van wie ik binnenkort een tentoonstelling moet openen. Oorspronkelijkheid heeft te maken met de mate van authenticiteit. Hoe dicht staat het werk bij de kunstenaar? Hoe weinig beïnvloedbaar is dat werk?
Laat ik u zeggen, dames en heren, dat het werk van Aras Kareem alleen te beïnvloeden is door de maker. Het werk van Aras staat erg dicht bij de schepper. Er is geen andere oorsprong dan de maker.
Oorspronkelijkheid heeft te maken met: onafhankelijkheid, met eigenzinnigheid, met hardnekkigheid. Oorspronkelijkheid is koppig. En zeker in het geval van Aras is het geen keuze; hij kan niet anders. Aras maakt geen keuzes. Hij praat niet over techniek, vorm of kleur. En hij zal u zeker niet per kunstwerk een verhaal ophangen over hoe u moet gaan kijken.
Aras Kareem komt uit Koerdistan. Koerdistan bestaat echt, maar niet officieel. Het is verscheurd in vele delen en wordt beheerst door meerdere landen die de Koerden niet altijd even goed gezind zijn. Aras' stukje Koerdistan ligt in Irak. Sadam Hoessein was niet blij met de Koerdische kunstenaar. Wij kunnen dat bijna niet geloven. Het zijn geen politieke prenten, geen geëngageerde stellingnames. Soms herken je een kop, maar veel meer spreekt de kleur. Of de werveling, beweging, of het ritme. Of de rijke patronen en teksturen die zijn werk zo kenmerkt. Die poëtische wereld van harmonie en dissonant kan toch geen bedreiging zijn? Jazeker, want de grootste bedreiging van een totalitaire staat is de oorspronkelijkheid. Zo sterk en zo kwetsbaar.
