Abdinasser Mahmud Ibrahim
Mahmud Ibrahim (1959, Somalië – 1997, Nederland) voltooide in 1987 de studie ‘Fijne Kunsten’ aan de Universiteit van Damascus in Syrië. Dit omdat er in Somalië geen kunstacademie bestaat. Net als nu is het maken van beeldende kunst in Somalië verboden: kunst is slechts een propogandamiddel. Naast dit standpunt van de regering speelt de houding van het religieuze deel van de bevolking een grote rol. Ofschoon de Islam kunstuitingen zeker niet verbiedt, zijn afbeeldingen wel onderworpen aan vele restricties en voorwaarden. Om geld te verdienen werkte Mahmud Ibrahim van 1988 tot 1990 voor de overheid als beheerder van het Mogadishu National Museum. In deze periode was hij medeoprichter van de verboden kunstenaarsvereniging ‘Vereniging Somalische Kunstenaars’, die 130 leden telde. Deze actie en het feit dat hij ‘vrij’ werk tentoonstelde, betekende dat Mahmud Ibrahim permanent door de veiligheidsdienst in de gaten werd gehouden. Regelmatig werd het werk in zijn atelier vernield. Deze situatie van bedreiging, intimidatie en zelfs gevangeschap maakte het Mahmud Ibrahim onmogelijk om zijn beroep als kunstenaar in vrijheid uit te oefenen. Hij vluchtte daarom in 1991 naar Nederland. Hij kreeg in 1992 een verblijfsvergunning maar overleed in 1997, op 38 jarige leeftijd, aan tbc.
